De beslissing om de gemeentelijke schoolbussen af te schaffen blijft voor zware politieke discussies zorgen in Herzele. Tijdens de gemeenteraad van woensdag 20 mei botsten oppositie en meerderheid opnieuw over de impact op bereikbaarheid, gelijke kansen en het voortbestaan van kleinere scholen.
Volgens raadslid De Bodt (LEEF!) dreigt het verdwijnen van het busvervoer rechtstreeks gevolgen te hebben voor de leefbaarheid van kleinere dorpsscholen. Hij verwees expliciet naar de school in Sint-Lievens-Esse.
“Als daar vijf gezinnen hun kinderen weghalen omdat ze er niet meer geraken, wat gebeurt er dan? Zitten we hier binnen één of twee jaar met een sluiting van een school?” vroeg hij scherp.
Ook over buitenschoolse activiteiten stelde hij zich vragen. Volgens de oppositie volstaat het niet om te zeggen dat alternatieven “bekeken” zullen worden zolang concrete garanties ontbreken.
Schepen Evi Baeyens (CD&V) maakte meteen duidelijk dat het bestuur niet van plan is de beslissing terug te draaien.
“Om met de deur in huis te vallen: dit is een pijnlijk verhaal dat zich blijft herhalen”, zei ze. “Maar ik ga je opnieuw moeten teleurstellen: we kunnen en gaan dit verhaal niet terugdraaien.”
Volgens Baeyens gaat het in Sint-Lievens-Esse om een beperkte groep van twintig gezinnen, waarvan zes zelfs buiten Groot-Herzele wonen. Ze benadrukte bovendien dat scholen gekozen zouden moeten worden “om de kwaliteit van het onderwijs en niet om de bereikbaarheid”. Baeyens probeerde tegelijk wel opening te laten voor alternatieven zoals fiets- of wandelpools, maar trok een duidelijke grens: het gemeentebestuur wil niet zelf instaan voor het organiseren van vervoer.
Toen De Bodt stelde dat de schepen van Onderwijs zelf het initiatief zou moeten nemen om in Sint-Lievens-Esse oplossingen uit te werken, bleef Baeyens op de rem staan. “We willen meedenken, maar het initiatief nemen of dragen, daar kunnen we niet in meegaan”, klonk het.
Daarmee lijkt het bestuur de verantwoordelijkheid grotendeels bij ouders, scholen en vrijwilligers te leggen — een keuze die bij de oppositie op weinig begrip kan rekenen.
Raadslid Joshua D’Hondt (N-VA) stelde voor om minstens een intentieverklaring op te maken waarin het gemeentebestuur zich engageert om actief mee naar oplossingen te zoeken.
Burgemeester Benjamin Rogiers (Anders Herzele) maakte er een engagement van en stelde voor dat het gemeentebestuur zelf het initiatief zou nemen om betrokkenen samen te brengen rond mogelijke oplossingen.
Dat engagement werd uiteindelijk unaniem goedgekeurd.
Toch lijkt het schoolbussendossier nog lang niet begraven. De meerderheid houdt vast aan de afschaffing, maar moet tegelijk erkennen dat de maatschappelijke en politieke weerstand groot blijft — zeker in de deelgemeenten.
